Naar hoofdinhoud

TITEL III › Afdeling

Artikel XVIII

Bevoegdheden, samenstelling en werkwijze der Commissies

Onderdeel van Verdrag inzake het Internationaal Koude-Instituut, ter vervanging van het Verdrag van 21 juni 1920, gewijzigd op 31 mei 1937· Onderwijsrecht

Deze tekst geldt sinds 2 juni 1960

1. Het aantal en de bevoegdheden van de Commissies zijn vastgelegd in het Algemeen Reglement. 2. Elke Commissie heeft één voorzitter, één of meer vice-voorzitters of één of meer secretarissen. 3. De voorzitter en de vice-voorzitters worden door de Algemene Conferentie in haar gewone zitting gekozen. Zij kunnen niet meer dan twee achtereenvolgende malen voor dezelfde functie worden gekozen. 4. Indien noch de voorzitter noch een van de vice-voorzitters van een Commissie tot het land behoort waarin het volgend Internationale Congres plaatsvindt, kan, op voorstel van de gedelegeerden van dat land, door het Uitvoerend Comité een vice-voorzitter aan de Commissie worden toegevoegd. Zijn functie eindigt met de werkzaamheden van het Congres. 5. Rekening houdende met de aanbevelingen door de landen-leden gedaan, worden de andere leden van de Commissies benoemd door de Technische Raad, op voorstel van de voorzitters der Commissies. De Technische Raad kan de voorzitter machtigen, tot tussentijdse benoemingen over te gaan. 6. De secretarissen worden benoemd door de Technische Raad, op voorstel van de voorzitters der Commissies; de Technische Raad kan zijn voorzitter machtigen tot tussentijdse benoemingen over te gaan. 7. Een lid van de Commissie, dat gedurende twee achtereenvolgende jaren de bijeenkomsten niet bijwoont en niet aan de werkzaamheden van de Commissie deelneemt, wordt geacht te zijn afgetreden.

Rechtspraak bij dit artikel