Niet-gouvernementele organisaties welke een duidelijk omschreven belang hebben bij de werkzaamheden van de Internationale Opsporingsdienst, kunnen voorstellen voorleggen aan de Internationale Commissie en, onder door de Commissie te stellen voorwaarden, uitgenodigd worden, deel te nemen aan de besprekingen over deze voorstellen.
Voor inwerkingtreding zie ook Trb. 1956/1, Trb. 1961/111 en Trb. 1970/33.
Artikel 5
Artikel 5
Onderdeel van Overeenkomst inzake de oprichting van een Internationale Commissie voor de Internationale Opsporingsdienst· Internationaal publiekrecht
Deze tekst geldt sinds 6 juni 1955