Naar hoofdinhoud
1. De FABEC-Raad bestuurt het FABEC. 2. Teneinde de verplichtingen van de Verdragsluitende Staten krachtens het Verdrag na te komen, heeft de FABEC-Raad de opdracht om beslissingen te nemen om: te zorgen voor de uitvoering van dit Verdrag en voor het bereiken van de doelstellingen van het FABEC in het algemeen; de ontwikkeling van de civiel-militaire samenwerking te bepalen; overeenstemming te bereiken over de gemeenschappelijke inrichting en het gemeenschappelijk beleid voor het betreffende luchtruim; de wijze van samenwerking voor de toepassing van het concept van flexibel gebruik van het luchtruim te bepalen; de harmonisatie van de materiële regels en procedures te ondersteunen; het proces van gezamenlijke aanwijzing van de verleners van luchtverkeersdiensten te vergemakkelijken; het heffingenbeleid voor het betreffende luchtruim aan te nemen en het enkel eenheidstarief voor en-route verkeer in het betreffende luchtruim vast te stellen; de ontwikkeling en de toepassing van een gemeenschappelijk overkoepelend veiligheidsbeheersysteem te ondersteunen; strategische doelstellingen voor de ontwikkeling van het FABEC te bepalen, de bereikte resultaten te evalueren, en indien nodig passende maatregelen te nemen; het prestatieplan en de bijbehorende prestatiedoelen goed te keuren; het eigen huishoudelijk reglement en dat van de comités, werkgroepen en van de Adviesraad voor Luchtvaartnavigatiedienstverlening aan te nemen; andere comités op te richten dan die welke door dit Verdrag in het leven zijn geroepen, alsook werkgroepen op te richten om hem bijstand te verlenen op specifieke gebieden, en de voorstellen van de comités en werkgroepen goed te keuren; te zorgen voor coördinatie van het FABEC met de aangrenzende functionele luchtruimblokken, met inbegrip van efficiënte ‘interfaces’; de standpunten van de Verdragsluitende Staten te coördineren met het oog op de toepassing van internationale overeenkomsten, in het bijzonder betreffende het werk van ICAO, EUROCONTROL, de Europese Commissie, het Europees agentschap voor de veiligheid van de luchtvaart en gezamenlijke ondernemingen op het gebied van de luchtverkeersbeveiliging; de oplossing van geschillen te vergemakkelijken die tussen de Verdragsluitende Staten kunnen ontstaan; de maatregelen te nemen die vereist zijn ingevolge de toetreding van een Staat tot dit Verdrag; de maatregelen te nemen die vereist zijn ingevolge de opzegging van dit Verdrag door een Verdragsluitende Staat; te evalueren of dit Verdrag strookt met eventuele wijzigingen van de Verordeningen betreffende het Gemeenschappelijk Europees Luchtruim; wijzigingen van dit Verdrag voor te stellen; te zorgen voor raadpleging van de verleners van luchtvaartnavigatiediensten, de gebruikers van het luchtruim en andere belanghebbende partijen waar nodig.

Rechtspraak bij dit artikel