Naar hoofdinhoud
1. Het werkelijke bedrag van de uitgaven terzake van de krachtens de artikelen 12, tweede lid, 13, eerste, tweede en zesde lid, en 16, derde lid, van het Verdrag verleende verstrekkingen, zoals zij uit de boekhouding van de organen die de verstrekkingen nebben verleend, blijken, wordt per kwartaal door de bevoegde organen aan eerstbedoelde organen vergoed. 2. Voor de vergoeding kunnen geen hogere tarieven in rekening worden gebracht dan die welke gelden voor de verstrekkingen, verleend aan werknemers die onderworpen zijn aan de wettelijke regeling welke wordt toegepast door het orgaan, dat de in het eerste lid van dit artikel bedoelde verstrekkingen heeft verleend.

Rechtspraak bij dit artikel