Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK I

Artikel 6

Artikel 6

Onderdeel van Overeenkomst tussen het Koninkrijk der Nederlanden en het Koninkrijk Marokko inzake luchtvervoer· Vervoersrecht

Deze tekst geldt sinds 1 januari 1961

Teneinde elke bevoorrechting te voorkomen en een volkomen gelijkheid van behandeling te verzekeren verbindt elk der Overeenkomstsluitende Partijen zich tot het volgende: de tarieven of andere rechten en heffingen, welke worden berekend voor het gebruik van de luchthavens en andere luchtvaartinstallaties op haar grondgebied door de vliegtuigen van de aangewezen maatschappijen van de andere Overeenkomstsluitende Partij zullen niet hoger mogen zijn dan die welke betaald worden door de nationale vliegtuigen van hetzelfde type welke voor soortgelijke internationale diensten worden gebruikt. de motorbrandstoffen, smeeroliën, reservedelen en de boorduitrusting, bestemd voor het uitsluitend gebruik in de vliegtuigen van de aangewezen maatschappijen van de andere Overeenkomstsluitende Partij, en welke worden ingevoerd of aan boord genomen van die vliegtuigen, door of voor rekening van die maatschappijen, zullen bij hun binnenkomst op haar grondgebied en bij het vertrek daaruit zijn vrijgesteld van alle nationale rechten en heffingen, daaronder begrepen douanerechten en inspectiekosten, zelfs indien die voorraden zouden worden gebruikt of verbruikt gedurende vluchten boven genoemd grondgebied; de door de aangewezen maatschappijen van de andere Overeenkomstsluitende Partij gebruikte vliegtuigen, de motorbrandstoffen, smeeroliën, reservedelen, de boorduitrusting en het proviand, welke aan boord blijven van die vliegtuigen, zullen bij binnenkomst op haar grondgebied of vertrek daaruit zijn vrijgesteld van douanerechten, inspectiekosten of andere soortgelijke rechten of heffingen, zelfs indien die voorraden zouden worden gebruikt of verbruikt gedurende vluchten boven dat grondgebied; de aldus vrijgestelde voorraden zullen niet gelost mogen worden dan met toestemming van de douaneautoriteiten van de belanghebbende Overeenkomstsluitende Partij. Zij zullen, onder douanetoezicht, ter beschikking blijven van de aangewezen maatschappijen totdat ze weer worden uitgevoerd. De bepalingen van artikel 4, tweede lid, van de Overeenkomst tussen de Europese Gemeenschap en het Koninkrijk Marokko inzake bepaalde aspecten van luchtdiensten van 12 december 2006 (Pb. EU L 386 van 29 december 2006, blz. 18-27) vormen vanaf 1 april 2010 een aanvulling op dit artikel (Trb. 2012/214). De bepalingen van artikel 4, tweede lid, van de Overeenkomst tussen de Europese Gemeenschap en het Koninkrijk Marokko inzake bepaalde aspecten van luchtdiensten van 12 december 2006 (Pb. EU L 386 van 29 december 2006, blz. 18-27) vormen vanaf 1 april 2010 een aanvulling op dit artikel (Trb. 2012/214).

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel