Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK I

Artikel 9

Artikel 9

Onderdeel van Overeenkomst tussen het Koninkrijk der Nederlanden en het Koninkrijk Marokko inzake luchtvervoer· Vervoersrecht

Deze tekst geldt sinds 1 januari 1961

1). De Overeenkomstsluitende Partijen zullen ieder geschil inzake de uitlegging of de toepassing van deze Overeenkomst door middel van directe onderhandelingen tussen de Luchtvaartautoriteiten regelen. Indien deze onderhandelingen mislukken, zal het geschil aan een scheidsgerecht worden voorgelegd. 2). Het scheidsgerecht zal zijn samengesteld uit 3 leden. Elk van beide Overeenkomstsluitende Partijen zal een scheidsrechter aanwijzen en de beide scheidsrechters zullen tot overeenstemming moeten komen omtrent de aanwijzing van een onderdaan van een derde staat als voorzitter. Indien binnen twee maanden nadat een van beide Overeenkomstsluitende Partijen de scheidsrechterlijke regeling van het geschil heeft voorgesteld, de beide scheidsrechters niet zijn aangewezen, of indien binnen een maand na hun aanwijzing de scheidsrechters niet tot overeenstemming zijn gekomen omtrent de aanwijzing van een voorzitter, zal elke Overeenkomstsluitende Partij de voorzitter van het Internationale Gerechtshof kunnen verzoeken de nodige aanwijzingen te verrichten. 3). Het scheidsgerecht neemt, indien het er niet in slaagt het geschil in der minne te schikken, een beslissing bij meerderheid van stemmen; voorzover de Overeenkomstsluitende Partijen niet het tegengestelde overeenkomen, stelt het zelf zijn procesregels vast en bepaalt het zelf zijn zetel. 4). De Overeenkomstsluitende Partijen verbinden zich zich te houden aan de voorlopige maatregelen die tijdens het proces kunnen worden voorgeschreven als ook aan de scheidsrechterlijke uitspraak, welke laatste in ieder geval als beslissend zal worden beschouwd. 5). Indien een der Overeenkomstsluitende Partijen zich niet houdt aan de scheidsrechterlijke beslissingen, zal de andere Overeenkomstsluitende Partij, zolang als deze nalatigheid duurt, de rechten of voorrechten, welke zij op grond van deze Overeenkomst aan de in gebreke zijnde Overeenkomstsluitende Partij had verleend, kunnen beperken, opschorten of intrekken. 6). Elke Overeenkomstsluitende Partij zal de vergoeding voor de werkzaamheden van haar scheidsrechter op zich nemen en de helft van de vergoeding van de aangewezen voorzitter.

Rechtspraak bij dit artikel