Naar hoofdinhoud
1. Indien wordt beoogd op het grondgebied van een Verdragsluitende Partij nieuwe maatregelen welke de waterstaatkundige toestand op het grondgebied van de andere Partij wezenlijk kunnen beïnvloeden, uit te voeren of de uitvoering hiervan toe te laten, dient de Permanente Grenswaterencommissie hiervan zo spoedig mogelijk in kennis te worden gesteld. 2. Iedere Verdragsluitende Partij deelt de andere Partij mede welke autoriteiten of openbare lichamen harerzijds bevoegd zijn de in lid 1 bedoelde mededelingen te doen.

Rechtspraak bij dit artikel