**1.** Iedere Verdragsluitende Partij is verplicht, de uitvoering van de beoogde maatregelen waartegen de andere Partij bezwaar heeft gemaakt, tot aan de beëindiging der beraadslagingen in de Permanente Grenswaterencommissie, of eventueel tussen de Regeringen, op te schorten, tenzij de andere Verdragsluitende Partij instemt met een andere regeling.
**2.** Lid 1 is niet van toepassing indien een Verdragsluitende Partij de uitvoering van de gewraakte maatregelen niet kan uitstellen zonder haar eigen belangen ernstig in gevaar te brengen. De rechten van de andere Verdragsluitende Partij blijven evenwel onverlet.
HOOFDSTUK 4
Artikel 62
Artikel 62
Deze tekst geldt sinds 1 augustus 1963