De Verdragsluitende Partijen zullen ter beoordeling aan het Internationale Gerechtshof voorleggen alle eventueel tussen hen rijzende geschillen, vooral die welke betrekking hebben op:
de interpretatie van een verdrag;
alle aangelegenheden het volkenrecht betreffend;
de aanwezigheid van enigerlei feit dat, indien het bestaan ervan werd bewezen, een schending van een internationale verplichting zou betekenen;
de aard en omvang van de wegens schending van een internationale verplichting te verrichten genoegdoening.
HOOFDSTUK I
Artikel 1
Artikel 1
Onderdeel van Europees Verdrag nopens de vreedzame regeling van geschillen· Arbitrage
Deze tekst geldt sinds 7 juli 1958