Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK IV

Artikel 31

Artikel 31

Onderdeel van Europees Verdrag nopens de vreedzame regeling van geschillen· Arbitrage

Deze tekst geldt sinds 7 juli 1958

1. In alle gevallen waarin een geschil het onderwerp uitmaakt van een scheidsrechterlijke of rechterlijke procedure en in het bijzonder indien de aangelegenheid waarover de partijen het oneens zijn het gevolg is van reeds verrichte handelingen of van handelingen die op het punt staan te worden verricht, geeft het Internationale Gerechtshof, beslissende overeenkomstig artikel 41 van het Statuut van dit Hof, binnen de kortst mogelijke tijd de te nemen voorlopige maatregelen aan. De partijen bij het geschil zijn gehouden deze maatregelen te aanvaarden. 2. Indien het geschil voor de Verzoeningscommissie wordt gebracht, kan deze de partijen adviseren de door haar nuttig geachte voorlopige maatregelen te nemen. 3. Partijen dienen zich van het nemen van alle maatregelen welke de tenuitvoerlegging van de rechterlijke of scheidsrechterlijke beslissing of de door de Verzoeningscommissie voorgestelde regelingen in ongunstige zin zouden kunnen beïnvloeden, te onthouden, alsmede in het algemeen van handelingen van welke aard dan ook welke het geschil zouden kunnen doen verergeren of zich doen uitbreiden.

Rechtspraak bij dit artikel