Naar hoofdinhoud
1. Nederlandse natuurlijke personen en rechtspersonen doen afstand van hun schuldvorderingen op Zuidslavische schuldenaren - natuurlijke personen of rechtspersonen - die het voorwerp zijn geweest van nationalisatie- of onteigeningsmaatregelen dan wel van andere soortgelijke beperkende maatregelen. 2. Nederlandse natuurlijke personen of rechtspersonen met meerderheidsdeelnemingen in maatschappijen naar Zuidslavisch recht, welke zijn getroffen door nationalisatie- of onteigeningsmaatregelen dan wel door andere soortgelijke beperkende maatregelen, worden geacht een vergoeding te hebben ontvangen voor hun schuldvorderingen op deze maatschappijen en zullen bevrijd zijn van al hun verbintenissen jegens deze maatschappijen. 3. Nederlandse natuurlijke personen en rechtspersonen met deelnemingen in maatschappijen naar Zuidslavisch recht, welke zijn getroffen door nationalisatie- of onteigeningsmaatregelen dan wel door soortgelijke beperkende maatregelen, kunnen geen rechten doen gelden op schuldvorderingen van deze maatschappijen buiten Nederland noch tot nakoming worden verplicht van verbintenissen van deze maatschappijen buiten Nederland. Maatschappijen naar Zuidslavisch recht met een Nederlandse meerderheidsdeelneming doen volledig afstand van hun schuldvorderingen op natuurlijke personen die Nederlands ingezetene zijn, of op rechtspersonen die in Nederland gevestigd zijn. Deze schuldvorderingen zullen voor rekening van de in artikel 2 bedoelde gerechtigden worden ingevorderd.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel