Behalve de immuniteiten en voorrechten vermeld in de artikelen 18 en 19, genieten de met de dagelijkse leiding belaste secretaris van de Organisatie, de coördinator van de Noord-Atlantische Verdedigingsproductie, en andere dergelijke permanente functionarissen van overeenkomstige rang als overeengekomen moge worden tussen de Voorzitter van de Plaatsvervangende Leden van de Raad en de Regeringen van Staten-Leden, dezelfde voorrechten en immuniteiten als gewoonlijk verleend worden aan diplomatiek personeel van overeenkomstige rang.
TITEL IV
Artikel 20
Artikel 20
Onderdeel van Verdrag nopens de rechtspositie van de Noord-Atlantische Verdragsorganisatie, van de nationale vertegenwoordigers bij haar organen en van haar internationale staf· Internationaal publiekrecht
Deze tekst geldt sinds 18 mei 1954