Naar hoofdinhoud

TITEL II

Artikel 7

Werking van de wederzijdse administratieve bijstand

Onderdeel van Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en het Koninkrijk België voor de ontwikkeling van de samenwerking en van de wederzijdse administratieve bijstand op het gebied van de sociale zekerheid· Arbeidsrecht en sociaal-zekerheidsrecht

Deze tekst geldt sinds 1 oktober 2015

1. Ieder bevoegd orgaan van één van de Verdragsluitende Partijen kan zich wenden tot een bevoegd orgaan van de andere Verdragsluitende Partij, rechtstreeks of door bemiddeling van een verbindingsorgaan, voor het opvragen van gegevens die nodig zijn voor een juiste uitvoering van haar taak. 2. Onverminderd het bepaalde in het eerste lid van dit artikel brengt het bevoegde orgaan van één van de Verdragsluitende Partijen, zonder voorafgaand verzoek en voor zover mogelijk, het bevoegde orgaan van de andere Verdragsluitende Partij op de hoogte van wijzigingen in de gegevens die van belang zijn voor de behandeling van dossiers van individuele gevallen waarmee laatstgenoemd orgaan belast is. 3. Het bevoegde orgaan dat een informatieaanvraag ontvangt, geeft daaraan gevolg binnen de termijn voorzien in de samenwerkingsovereenkomsten, bedoeld in artikel 17 van dit Verdrag. Deze termijn mag drie maanden niet overschrijden. 4. De wederzijdse administratieve bijstand is kosteloos. De bevoegde organen kunnen echter overeenkomen dat bepaalde kosten worden vergoed.

Rechtspraak bij dit artikel