Personen die gebruik wensen te maken van het bij deze Overeenkomst bepaalde, dienen een desbetreffend verzoek te richten tot de instantie welke, in hun land, belast is met de centralisatie van de aanvragen van stagiaires.
Alvorens hun aanvrage te doen, moeten de stagiaires in beginsel een betrekking hebben gevonden in het andere land. Indien de autoriteiten van dat land kennis dragen van omstandigheden welke de gekozen betrekking weinig geschikt maken voor het doel van de leertijd, brengen zij dit ter kennis van de bevoegde instanties van het land van herkomst van de stagiaire, welke op haar beurt de stagiaire hiervan kennis geven.
Artikel 7
Artikel 7
Onderdeel van Overeenkomst inzake de toelating van stagiaires in Nederland en in Noorwegen· Onderwijsrecht
Deze tekst geldt sinds 28 juni 1951