Behoudens de andere bepalingen van dit Verdrag en mits er geen vrees voor misbruik bestaat, verleent elke Verdragsluitende Staat aan een toerist:
machtiging om zonder Bewijs van tijdelijke invoer reissouvenirs door te voeren tot een totale waarde van niet meer dan 50 Amerikaanse dollars, mits hij deze souvenirs zelf of in zijn reisbagage medevoert en mits deze souvenirs niet bestemd zijn voor handelsdoeleinden;
machtiging om, onder ontheffing van formaliteiten met betrekking tot de deviezencontrole en met vrijstelling van uitvoerrechten, reissouvenirs welke de toerist in het land heeft gekocht, uit te voeren tot een totale waarde van niet meer dan 100 Amerikaanse dollars, mits hij de souvenirs zelf of in zijn reisbagage medevoert en mits deze souvenirs niet bestemd zijn voor handelsdoeleinden.
Artikel 4
Artikel 4
Onderdeel van Verdrag inzake douanefaciliteiten ten behoeve van het toeristenverkeer· Vervoersrecht
Deze tekst geldt sinds 5 juni 1958