Ieder persoon, door een Staat, welke lid is van de Organisatie, aangewezen als zijn voornaamste vertegenwoordiger in de Organisatie op het grondgebied van een andere Staat, welke lid is van de Organisatie, en die leden van haar officiële staf, welke in dat gebied zullen verblijven, als overeengekomen tussen de Staat, welke hem heeft aangewezen en de Secretaris-Generaal van de Organisatie, en tussen de Secretaris-Generaal en de Staat in welke zij zullen wonen, zullen de voorrechten en immuniteiten genieten als worden verleend aan diplomatieke vertegenwoordigers en hun officiële staf van overeenkomstige rang.
TITEL III
Artikel 11
Artikel 11
Onderdeel van Verdrag nopens de rechtspositie van de Westeuropese Unie, van de nationale vertegenwoordigers bij haar organen en van haar internationale staf· Internationaal publiekrecht
Deze tekst geldt sinds 19 juli 1956