Voor zover de toelating tot het onderwijs is overgelaten aan de bevoegdheid van de Staat, worden onderdanen van iedere Verdragsluitende Partij die de schoolgaande leeftijd hebben en rechtmatig op het grondgebied van enige andere Partij wonen, onder dezelfde voorwaarden als onderdanen van laatstgenoemde Partij toegelaten tot instellingen voor lager en middelbaar onderwijs en technisch en vakonderwijs. De toepassing van deze bepaling op het verstrekken van studiebeurzen wordt aan de beslissing van ieder der Partijen overgelaten. Voor onderdanen van schoolgaande leeftijd die op het grondgebied van een andere Verdragsluitende Partij wonen bestaat leerplicht indien er ook leerplicht bestaat voor onderdanen van laatstgenoemde Partij.
HOOFDSTUK V
Artikel 20
Artikel 20
Onderdeel van Europees Vestigingsverdrag· Internationaal publiekrecht
Deze tekst geldt sinds 21 mei 1969