**1.** Elke Staat kan, ten tijde van de ondertekening of nederlegging van haar akte van bekrachtiging, aanvaarding of toetreding, verklaren dat hij zich niet gebonden acht door zekere door deze Staat aangegeven bepalingen van deze Overeenkomst.
**2.** Iedere Staat kan op het ogenblik waarop hij, overeenkomstig artikel XIII van deze Overeenkomst, er kennis van geeft dat deze Overeenkomst mede van toepassing is op een of meer gebieden voor welker internationale betrekkingen hij verantwoordelijk is, een afzonderlijke verklaring afleggen in overeenstemming met het eerste lid van dit artikel ten aanzien van alle of sommige van de gebieden waarop de kennisgeving betrekking heeft.
**3.** Indien een. Staat een voorbehoud maakt ten aanzien van enig artikel van deze Overeenkomst op het ogenblik van ondertekening, bekrachtiging, aanvaarding of toetreding of op het ogenblik van een kennisgeving krachtens artikel XIII, zal de Secretaris-Generaal der Verenigde Naties de tekst van dit voorbehoud mededelen aan alle Staten welke Partij zijn bij deze Overeenkomst of dit zullen worden. Elke Staat welke deze Overeenkomst heeft ondertekend, bekrachtigd, aanvaard, of welke tot deze Overeenkomst is toegetreden voordat het voorbehoud is gemaakt (of, indien de Overeenkomst nog niet in werking is getreden, elke Staat welke deze Overeenkomst heeft ondertekend, bekrachtigd, aanvaard of welke tot deze Overeenkomst reeds is toegetreden op de dag van haar inwerkingtreding) heeft het recht, bezwaar te maken tegen een of meer dezer voorbehouden. Indien geen enkele Staat welke bevoegd is om bezwaren te opperen, bezwaren heeft kenbaar gemaakt aan de Secretaris-Generaal der Verenigde Naties, op zijn laatst de negentigste dag volgend op de dag waarop de tekst van het voorbehoud is medegedeeld (of volgend op de datum van inwerkingtreding der Overeenkomst indien deze datum later valt), wordt genoemd voorbehoud beschouwd als te zijn aanvaard.
**4.** Ingeval de Secretaris-Generaal van de Verenigde Naties mededeling zou ontvangen van een bezwaar van een Staat die bevoegd is bezwaren te opperen, stelt hij de Staat welke het voorbehoud heeft gemaakt van dit bezwaar in kennis met het verzoek hem mede te delen of deze Staat bereid is, zijn voorbehoud in te trekken of, indien hij dit verkiest, bereid is af te zien van bekrachtiging, aanvaarding, toetreding of uitbreiding van de Overeenkomst tot het gebied (of de gebieden) waarop het voorbehoud betrekking heeft, al naar het geval zich voordoet.
**5.** Een Staat welke een voorbehoud heeft gemaakt waartegen overeenkomstig het derde lid van dit artikel bezwaar is gemaakt, wordt slechts Partij bij deze Overeenkomst indien dit bezwaar is ingetrokken of heeft opgehouden geldig te zijn volgens de bepalingen van het zesde lid van ditzelfde artikel; evenmin kan een Staat de voordelen van deze Overeenkomst ten aanzien van een gebied voor welks internationale betrekkingen hij verantwoordelijk is en ten aanzien waarvan hij een voorbehoud heeft gemaakt waartegen overeenkomstig het derde lid van dit artikel bezwaren zijn gemaakt, opeisen, tenzij dit bezwaar is ingetrokken of opgehouden heeft geldig te zijn volgens de bepalingen van het zesde lid van dit artikel.
**6.** Elk bezwaar gemaakt door een Staat welke de Overeenkomst heeft ondertekend zonder deze te bekrachtigen of te aanvaarden, houdt op geldig te zijn indien binnen twaalf maanden volgend op de dag waarop deze Staat dit bezwaar heeft gemaakt, genoemde Staat de Overeenkomst niet heeft bekrachtigd noch aanvaard.
Artikel XIV
Voorbehouden
Onderdeel van Internationale Overeenkomst om de invoer van handelsmonsters, handelsstalen en reclamemateriaal te vergemakkelijken· Belastingrecht
Deze tekst geldt sinds 20 november 1955