De eigendommen en bezittingen van het Fonds, waar deze ook gelegen zijn en wie deze ook onder zich heeft, zijn vrijgesteld van iedere vorm van beslag of executie zolang er tegen het Fonds geen vonnis is gewezen dat uitvoerbaar is en in kracht van gewijsde is gegaan.
De gedwongen tenuitvoerlegging van vonnissen die tot stand zijn gekomen na een scheidsrechterlijke procedure overeenkomstig de derde alinea van artikel 2, vindt plaats op het grondgebied van Leden van het Fonds op de in elk van die Lid-Staten voorgeschreven wijze en nadat het vonnis is voorzien van het in de Staat waar het ten uitvoer gelegd moet worden gebruikelijke formulier van tenuitvoerlegging; voor dit laatste hoeft men slechts na te gaan of het vonnis naar de vorm geldig is, of het in overeenstemming is met de regels betreffende bevoegdheid en procedure neergelegd in de leningsvoorwaarden van het Fonds en of het niet in strijd is met het eindvonnis dat uitgesproken werd in het betrokken land. Iedere ondertekenaar stelt bij de nederlegging van zijn akte van bekrachtiging de andere ondertekenaars, door bemiddeling van de Secretaris-Generaal van de Raad van Europa, ervan in kennis welke autoriteit wettelijk bevoegd is deze formaliteit te vervullen.
TITEL II
Artikel 3
Artikel 3
Onderdeel van Derde Aanvullend Protocol bij het Algemeen Verdrag nopens de voorrechten en immuniteiten van de Raad van Europa· Internationaal publiekrecht
Deze tekst geldt sinds 8 augustus 1978