Naar hoofdinhoud
1. Nucleair materiaal waarop de verbintenis tot vreedzaam gebruik in artikel III van toepassing is en dat zich op het grondgebied van de Verenigde Staten bevindt, is onderworpen aan de toepassing van internationale waarborgen. In dit verband wordt met de toepassing van de Overeenkomst tussen de Verenigde Staten van Amerika en de IAEA voor de toepassing van waarborgen in de Verenigde Staten, gedaan te Wenen op 18 november 1977 (INFCIRC/288) (hierna de „VS-IAEA Waarborgen Overeenkomst”), geacht aan dit vereiste te zijn voldaan. 2. De Regering van de Verenigde Staten voegt ingevolge de VS-IAEA Waarborgen Overeenkomst de Installaties toe aan de lijst van installaties die in aanmerking komen voor de toepassing van de waarborgen van de IAEA. 3. De Vier Regeringen en de Regering van de Verenigde Staten zijn van mening dat de Installaties onder waarborgen van de IAEA moeten worden gesteld en blijven die gelijkwaardig zijn aan de waarborgen die worden gehanteerd voor commerciële gas-ultracentrifuge-installaties voor de verrijking van uranium onder de rechtsmacht van de Vier Regeringen, voor zover in overeenstemming met de toepassing van de waarborgen in de Verenigde Staten onder de VS-IAEA Waarborgen Overeenkomst en het Aanvullend Protocol daarbij (INFCIRC 288/Add.1).

Rechtspraak bij dit artikel