Naar hoofdinhoud

Artikel 29

Arbitrage over bepaalde geschillen volgens Bijlage I

Onderdeel van Overeenkomst nopens Duitse buitenlandse schulden· Financieel en economisch recht

Deze tekst geldt sinds 1 augustus 1958

(1). Aan procedures voor een scheidsgerecht, hetwelk ter beoordeling van geschillen volgens punt 7 lid 1 onder (g) van Bijlage I van deze Overeenkomst is voorzien, kunnen slechts Organisaties van Effectenbezitters en soortgelijke verenigingen, welke door de Regeringen van de landen, waarin zij gevormd zijn, als vertegenwoordigers van de effectenbezitters in deze landen erkend zijn (hierna genoemd „crediteurenvertegenwoordiging”), aan de ene kant en debiteuren aan de andere kant als partijen deelnemen. (2). Een scheidsgerecht als bedoeld in het voorgaande lid bestaat, voorzover de partijen niet anders overeenkomen, uit drie als volgt benoemde leden: een lid, hetwelk door de debiteur dient te worden benoemd; een lid, hetwelk door de desbetreffende crediteurenvertegenwoordiging, of, indien er meer crediteurenvertegenwoordigingen bij betrokken zijn, door deze gezamenlijk dient te worden benoemd; een derde lid als voorzitter, hetwelk door de op de hierboven onder (a) en (b) bedoelde wijze benoemde leden dient te worden gekozen. De voorzitter mag noch de Duitse nationaliteit noch de nationaliteit van een land, waarin een als partij aan de procedure deelnemende crediteuren vertegenwoordiging is gevormd, bezitten. (3). Binnen 90 dagen, gerekend vanaf de datum, waarop een der partijen bij de procedure de andere partij de benoeming van haar scheidsrechter heeft meegedeeld, dient de andere partij eveneens een scheidsrechter te benoemen. Indien de andere partij haar scheidsrechter niet binnen de voorgeschreven termijn benoemt, wordt deze op verzoek van de partij, die de mededeling heeft gedaan, door de Internationale Kamer van Koophandel benoemd. (4). Indien de beide scheidsrechters niet binnen 30 dagen, gerekend vanaf de datum van benoeming van de laatstbenoemde scheidsrechter, overeenstemming over de keuze van een voorzitter bereiken, wordt deze op verzoek van een van beide scheidsrechters door de Internationale Kamer van Koophandel benoemd. De bepaling van lid (2) onder (c) van dit Artikel ten aanzien van de nationaliteit geldt ook voor deze benoeming. (5). Indien een lid van het scheidsgerecht overlijdt of wegens ziekte, terugtrekking of niet-nakoming van zijn ambtsplichten uitvalt, wordt deze functie binnen 30 dagen, nadat zij is opengevallen, op dezelfde wijze als bij de oorspronkelijke benoeming opnieuw vervuld. (6). Het scheidsgerecht stelt zelf de bij zijn rechtspleging te volgen regels vast. Indien dergelijke regels niet worden vastgesteld of niet toereikend zijn, dienen de door de Internationale Kamer van Koophandel vastgestelde regels met betrekking tot arbitrage te worden toegepast. (7). De uitspraak van het scheidsgerecht met betrekking tot de conversie, welke het onderwerp van de scheidsrechterlijke procedure vormde, is met het oog op de vaststelling van de bepalingen van het regelingsaanbod bindend voor de partijen bij de procedure en de crediteuren vertegenwoordiging dient de aanvaarding van het regelingsaanbod aan te bevelen aan de effectenbezitters, voorzover dit aanbod aan de andere in Bijlage I van deze Overeenkomst neergelegde voorwaarden voldoet.

Rechtspraak bij dit artikel