Voor de beoordeling van het recht op uitkering worden de tijdvakken van verzekering en van premiebetaling en de daarmede gelijkgestelde tijdvakken op de volgende wijze samengeteld:
bij de tijdvakken van verzekering en van premiebetaling en de daarmede gelijkgestelde tijdvakken, vervuld ingevolge de wetgeving van één van beide landen, worden gevoegd de tijdvakken van verzekering en van premiebetaling of de daarmede gelijkgestelde tijdvakken, vervuld ingevolge de wetgeving van het andere land, voor zover het nodig is met die tijdvakken rekening te houden, ten einde, voor zover zij niet samenvallen, de tijdvakken van verzekering en van premiebetaling en de daarmede gelijkgestelde tijdvakken, vervuld in het eerste land, aan te vullen;
wanneer een arbeider aanspraak maakt op uitkering ten laste van de organen van beide landen, wordt het bepaalde in de vorige alinea in elk der beide landen afzonderlijk toegepast.
Wanneer voor een bepaald kalenderjaar tijdvakken van verzekering of van premiebetaling of daarmede gelijkgestelde tijdvakken worden vermeld zonder aanduiding van de data, worden zij geacht niet samen te vallen, voor zover het totaal niet meer bedraagt dan een kalenderjaar, of 12 maanden of 52 weken.
TITEL III › HOOFDSTUK VIERDE
Artikel 29
Artikel 29
Deze tekst geldt sinds 11 februari 1955