Naar hoofdinhoud
Indien een persoon in een van de gevallen als bedoeld in artikel 21, eerste lid, wordt gearresteerd heeft een vertegenwoordiger van de betrokken staat van herkomst toegang tot die persoon. Indien een persoon die in een van de gevallen als bedoeld in het tweede lid van dat artikel is gearresteerd, door de autoriteiten van een krijgsmacht in bewaring wordt gehouden, heeft een Duitse vertegenwoordiger een overeenkomstig recht, in dezelfde mate als waarin de staat van herkomst gebruik maakt van het recht van toegang, toegekend in de eerste volzin van dit artikel. De Duitse autoriteiten en de militaire autoriteiten van de staat van herkomst treffen de voor de uitvoering van dit artikel vereiste regelingen. Een vertegenwoordiger van de staat bij welke de bewaring berust kan bij de uitoefening van het recht van toegang tegenwoordig zijn.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel