**1.** De scheepsbeheerder van vissersvaartuigen draagt de algehele verantwoordelijkheid om te waarborgen dat de schipper beschikt over de nodige middelen en voorzieningen om te voldoen aan de verplichtingen uit dit Verdrag.
**2.** De schipper is verantwoordelijk voor de veiligheid van de vissers aan boord en de veilige exploitatie van het vaartuig, met inbegrip van maar niet beperkt tot het volgende:
het zodanig houden van toezicht dat zoveel mogelijk gewaarborgd wordt dat de vissers hun werk onder de voor hun veiligheid en gezondheid beste omstandigheden kunnen verrichten;
het zodanig geven van leiding aan de vissers dat hun veiligheid en gezondheid worden gerespecteerd, met inbegrip van het voorkomen van vermoeidheid;
het faciliteren van bewustwordingstrainingen aan boord met betrekking tot arbeidsomstandigheden; en
het erop toezien dat wordt voldaan aan de maatstaven voor veilige navigatie, wachtdiensten en het bijbehorende goed zeemanschap.
**3.** De scheepsbeheerder van het vissersvaartuig mag de schipper niet beletten beslissingen te nemen die naar het deskundig oordeel van de schipper nodig zijn voor de veiligheid van het vaartuig, de veilige navigatie en de veilige exploitatie of de veiligheid van de vissers aan boord.
**4.** De vissers moeten gehoor geven aan de rechtmatige orders van de schipper en voldoen aan de van toepassing zijnde veiligheids- en gezondheidsmaatregelen.
DEEL II
Artikel 8
Verantwoordelijkheden van scheepsbeheerders van vissersvaartuigen, schippers en vissers
Onderdeel van Verdrag betreffende werk in de visserijsector· Agrarisch recht
Deze tekst geldt sinds 19 december 2020