Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK V

Artikel 31

Artikel 31

Onderdeel van Verdrag inzake de bevoegdheid, het toepasselijke recht, de erkenning, de tenuitvoerlegging en de samenwerking op het gebied van ouderlijke verantwoordelijkheid en maatregelen ter bescherming van kinderen· Internationaal privaatrecht Inclusief internationaal procesrecht

Deze tekst geldt sinds 1 mei 2011

De Centrale Autoriteit van een Verdragsluitende Staat neemt, hetzij rechtstreeks, hetzij via overheidsinstanties of andere instellingen, alle passende maatregelen ten einde: de informatie-uitwisseling te vereenvoudigen en de in de artikelen 8 en 9 en in dit hoofdstuk bedoelde bijstand te verlenen; door bemiddeling, verzoening of overeenkomstige methoden minnelijke schikkingen te bevorderen met betrekking tot de bescherming van de persoon of het vermogen van het kind, in de omstandigheden waarin het Verdrag van toepassing is; op verzoek van de bevoegde autoriteit van een andere Verdragsluitende Staat bijstand te verlenen bij het opsporen van het kind, indien het ernaar uitziet dat dit zich op het grondgebied van de aangezochte Staat bevindt en bescherming nodig heeft.

Rechtspraak bij dit artikel