**1.** Naast de in het vorige artikel vermelde bevoegdheid zal een Partij bij haar toetreding tot deze Algemene Akte haar aanvaarding ondergeschikt kunnen maken aan de in het volgende lid limitatief opgenoemde voorbehouden. Deze voorbehouden moeten op het ogenblik van toetreding worden aangegeven.
**2.** Deze voorbehouden zullen van de in deze Akte omschreven procedures kunnen uitsluiten:
Geschillen, welke hun ontstaan danken aan feiten, voorafgaande hetzij aan de toetreding van de Partij die het voorbehoud opstelt, hetzij aan de toetreding van een andere partij, waarmede de eerste een geschil mocht hebben;
Geschillen, betrekking hebbende op vragen, die het internationale recht overlaat aan de uitsluitende bevoegdheid van Staten;
Geschillen, betrekking hebbende op bijzondere gevallen of bijzondere precies omschreven onderwerpen, zoals het territoriaal statuut, of geschillen welke vallen in welomschreven categorieën.
**3.** Indien een van de partijen, die bij het geschil betrokken zijn, een voorbehoud heeft opgesteld, zullen de andere partijen zich ten aanzien van deze partij op hetzelfde voorbehoud kunnen beroepen.
**4.** Voor de Partijen, die zijn toegetreden tot de bepalingen van deze Algemene Akte, welke betrekking hebben op de rechterlijke of scheidsrechterlijke regeling, zullen de voorbehouden, welke zij mochten hebben gemaakt, behoudens uitdrukkelijke vermelding, geacht worden zich niet uit te strekken tot de verzoeningsprocedure.
HOOFDSTUK IV
Artikel 39
Artikel 39
Onderdeel van Herziene Algemene Akte nopens vreedzame regeling van internationale geschillen· Arbitrage
Deze tekst geldt sinds 7 september 1971