De dienst voor de werkgelegenheid moet zodanig ingericht worden, dat een doeltreffende aanwerving en plaatsing van de arbeiders verzekerd is; te dien einde moet hij:
de arbeiders behulpzaam zijn bij het vinden van passend werk en de werkgevers om geschikte arbeiders te vinden, en meer in het bijzonder moet die dienst in overeenstemming met op nationale grondslag vastgestelde regels:
de werkzoekenden inschrijven, aantekening houden van hun beroepsbekwaamheden, ervaring en wensen, hen ondervragen met betrekking tot hun tewerkstelling, indien nodig hun lichamelijke en beroepsgeschiktheid controleren en wanneer daartoe aanleiding is, hen behulpzaam zijn bij de beroepskeuzevoorlichting, bij beroepsopleiding of herscholing;
van de werkgevers nauwkeurige inlichtingen verkrijgen omtrent vacante betrekkingen, waarvan door hen aan de dienst kennis gegeven is en omtrent de voorwaarden, waaraan de werknemers, die zij zoeken, moeten voldoen;
de aanvragers, die de vereiste bekwaamheden en lichamenlijke geschiktheid bezitten, naar vacante betrekkingen verwijzen;
aanvragen, die bij een bureau van de dienst inkomen naar een ander bureau verwijzen alsmede van de open plaatsen aan een ander bureau mededeling doen, wanneer het in de eerste plaats geraadpleegde bureau niet in staat is de aanvragers behoorlijk te plaatsen of de vacante betrekkingen niet behoorlijk kan doen vervullen of wanneer andere omstandigheden verwijzing nodig maken;
geschikte maatregelen nemen om:
de beroepsmobiliteit te vergemakkelijken teneinde het aanbod van arbeidskrachten aan te passen aan de arbeidsmogelijkheden in de verschillende beroepen;
de geografische mobiliteit te vergemakkelijken, teneinde bij de verplaatsing van arbeiders naar streken, die passende arbeidsmogelijkheden bieden, behulpzaam te zijn;
het tijdelijk verplaatsen van werknemers van de ene streek naar de andere te vergemakkelijken, teneinde aan een plaatselijke en tijdelijke evenwichtsstoring tussen vraag en aanbod van arbeidskrachten tegemoet te komen;
de verplaatsing van arbeiders van het ene land naar een ander land te vergemakkelijken, wanneer die door de betrokken Regeringen overeengekomen is;
in samenwerking, waar nodig, met andere autoriteiten en met de werkgevers en de vakverenigingen, alle gegevens, waarover men beschikt over de toestand en het waarschijnlijk verloop van de arbeidsmarkt, zowel in het gehele land als voor de verschillende industrieën, beroepen en streken, verzamelen en analyseren en die gegevens systematisch en snel ter beschikking stellen van de openbare autoriteiten, de betrokken werkgevers- en arbeidersorganisaties alsmede van het publiek;
medewerken aan de administratie van de werkloosheidsverzekering en werklozensteun en aan de toepassing van andere maatregelen getroffen ter ondersteuning van de werklozen;
voor zoveel noodzakelijk, andere openbare en bijzondere organen behulpzaam zijn bij het ontwerpen van zodanige sociale en economische plannen, die er op gericht zijn, de toestand van de werkgelegenheid gunstig te beïnvloeden.
Artikel 6
Artikel 6
Onderdeel van Verdrag betreffende de organisatie van de dienst voor de werkgelegenheid· Arbeidsrecht en sociaal-zekerheidsrecht
Deze tekst geldt sinds 7 maart 1951