Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 18

Artikel 91

Procedure en rechtsgevolgen van verklaringen

Onderdeel van Verdrag van de Verenigde Naties inzake de overeenkomsten voor het internationaal vervoer van goederen geheel of gedeeltelijk over zee· Arbitrage

1. De krachtens de artikelen 74 en 78 toegestane verklaringen kunnen te allen tijde worden afgelegd. De krachtens artikel 92, eerste lid, en artikel 93, tweede lid, toegestane eerste verklaringen worden afgelegd op het tijdstip van ondertekening, bekrachtiging, aanvaarding, goedkeuring of toetreding. Andere verklaringen zijn niet toegestaan krachtens dit Verdrag. 2. Verklaringen afgelegd op het tijdstip van ondertekening dienen ten tijde van de bekrachtiging, aanvaarding of goedkeuring te worden bevestigd. 3. Verklaringen en bevestigingen daarvan worden schriftelijk gedaan en formeel aan de depositaris ter kennis gebracht. 4. Een verklaring wordt van kracht op het tijdstip waarop dit Verdrag voor de betrokken Staat in werking treedt. Een verklaring waarvan de depositaris pas na deze inwerkingtreding formeel in kennis wordt gesteld, treedt evenwel in werking op de eerste dag van de maand die volgt op het verstrijken van zes maanden na de datum van ontvangst ervan door de depositaris. 5. Een Staat die krachtens dit Verdrag een verklaring aflegt mag deze te allen tijde intrekken door middel van een formele schriftelijke kennisgeving gericht aan de depositaris. De intrekking van een verklaring, of de aanpassing ervan wanneer dat door dit Verdrag wordt toegestaan, wordt van kracht op de eerste dag van de maand die volgt op het verstrijken van zes maanden na de datum van ontvangst van de kennisgeving door de depositaris.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel