Dit Verdrag kan tot 31 December 1949 worden ondertekend door ieder Lid van de Verenigde Naties en door elke andere Staat, die, niet Lid van de Verenigde Naties zijnde, een uitnodiging tot ondertekening heeft ontvangen van de Algemene Vergadering.
Dit Verdrag wordt bekrachtigd en de akten van bekrachtiging worden nedergelegd bij de Secretaris-Generaal van de Verenigde Naties.
Na 1 Januari 1950 kunnen tot dit Verdrag toetreden elk Lid van de Verenigde Naties en elke Staat, die, niet Lid van de Verenigde Naties zijnde, een uitnodiging heeft ontvangen als bovenbedoeld.
De akten van toetreding worden nedergelegd bij de Secretaris-Generaal van de Verenigde Naties.
Artikel XI
Artikel XI
Onderdeel van Verdrag inzake de voorkoming en de bestraffing van genocide· Internationaal publiekrecht
Deze tekst geldt sinds 18 september 1966