Het nationale Informatiebureau zal met spoed en met de snelste middelen de inlichtingen betreffende beschermde personen doen toekomen aan de Mogendheid van welke de bovenbedoelde personen onderdanen zijn, of aan de Mogendheid op wier grondgebied zij hun woonplaats hadden, door tussenkomst zowel van de beschermende Mogendheden als van het Centraal Bureau, bedoeld in artikel 140. De Bureaux zullen bovendien alle tot hen gerichte vragen betreffende beschermde personen beantwoorden.
De Informatiebureaux zullen de inlichtingen betreffende een beschermd persoon doorgeven, behalve in de gevallen waarin zulks de belanghebbende persoon of zijn familie nadeel zou kunnen berokkenen. Zelfs in dat geval mogen de inlichtingen niet worden geweigerd aan het Centraal Bureau, dat, na van de omstandigheden op de hoogte te zijn gesteld, de nodige voorzorgen zal nemen, zoals aangeduid in artikel 140.
Alle schriftelijke mededelingen van een Bureau zullen worden gewaarmerkt door een handtekening of een stempelafdruk.
TITEL III › AFDELING V
Artikel 137
Artikel 137
Onderdeel van Verdrag van Genève betreffende de bescherming van burgers in oorlogstijd· Internationaal publiekrecht
Deze tekst geldt sinds 3 februari 1955