**1.** Elke Staat kan bij de ondertekening, de bekrachtiging of de toetreding, alsook te allen tijde daarna in een aan de Secretaris-Generaal van de Verenigde Naties gerichte kennisgeving verklaren, dat de bepalingen van dit Protocol mede van toepassing zullen zijn voor één of meer der gebieden, voor welker buitenlandse betrekkingen hij verantwoordelijk is. Deze bepalingen worden voor de in de kennisgeving genoemde gebieden van toepassing dertig dagen na ontvangst dier kennisgeving door de Secretaris-Generaal of, bijgeval het Protocol op dat tijdstip nog niet in werking is getreden, op het tijdstip van in werking treden van het Protocol.
**2.** Voor zover de omstandigheden zulks toelaten verbinden de Partijen zich zo spoedig mogelijk de nodige maatregelen te treffen, ten einde de toepasselijkheid van dit Protocol uit te strekken tot de gebieden, voor welker buitenlandse betrekkingen zij verantwoordelijk zijn, behoudens, voor zover om grondwettelijke redenen vereist, de toestemming van de Regering dier gebieden.
**3.** Elke Staat, welke overeenkomstig het eerste lid van dit artikel een verklaring heeft afgelegd, waarbij dit Protocol van toepassing wordt verklaard voor een gebied, voor welks buitenlandse betrekkingen hij verantwoordelijk is, kan te allen tijde daarna in een tot de Secretaris-Generaal der Verenigde Naties gerichte kennisgeving verklaren, dat dit Protocol niet langer van toepassing zal zijn voor het in die kennisgeving genoemde gebied. In dat geval zal het Protocol na verstrijken van een jaar sinds de datum der kennisgeving ophouden voor dat gebied van toepassing te zijn.
DEEL VII
Artikel 57
Artikel 57
Onderdeel van Protocol nopens de verkeerstekens· Vervoersrecht
Deze tekst geldt sinds 20 december 1953