Naar hoofdinhoud

DEEL VII

Artikel 60

Artikel 60

Onderdeel van Protocol nopens de verkeerstekens· Vervoersrecht

Deze tekst geldt sinds 22 oktober 1964

1. Elk der Verdragsluitende Staten kan een of meer wijzigingen van dit Protocol voorstellen. Van de tekst van een voorgestelde wijziging wordt kennis gegeven aan de Secretaris-Generaal van de Verenigde Naties, die hem aan alle Partijen bij dit Protocol doet toekomen met verzoek binnen vier maanden mede te delen of zij: verlangen, dat een conferentie ter overweging van de voorgestelde wijziging wordt bijeengeroepen; de aanvaarding van de voorgestelde wijziging zonder conferentie voorstaan; de verwerping van de voorgestelde wijziging zonder conferentie voorstaan. De voorgestelde wijziging wordt door de Secretaris-Generaal eveneens doorgezonden aan alle Staten, niet Partij bij dit Verdrag, welke waren uitgenodigd tot bijwoning van de Conferentie der Verenigde Naties voor wegverkeer en verkeer met motorrijtuigen. 2. De Secretaris-Generaal roept een conferentie van de Partijen bij dit Protocol ter overweging van de voorgestelde wijziging bijeen, indien het bijeenroepen van een conferentie wordt verlangd door tenminste eenderde der Partijen. De Secretaris-Generaal nodigt behalve de Partijen bij dit Protocol voor de conferentie uit de Staten, niet Partij bij dit Protocol, welke waren uitgenodigd tot bijwoning van de conferentie der Verenigde Naties voor wegverkeer en verkeer met motorrijtuigen, alsmede Staten, wier deelneming naar het oordeel van de Economische en Sociale Raad gewenst is. De bepalingen van dit lid zijn niet van toepassing ingeval een wijziging van dit Protocol overeenkomstig het vijfde lid van dit artikel is aangenomen. 3. Een wijziging van dit Protocol, welke door de conferentie met tweederde meerderheid van stemmen is aangenomen, wordt ter kennis van alle Partijen gebracht ter fine van aanvaarding. Elke wijziging treedt negentig dagen na haar aanvaarding door tweederde gedeelte der Partijen in werking voor alle Partijen behalve die, welke voor het in werking treden verklaren de wijziging niet aan te nemen. 4. De conferentie kan ten tijde van de aanneming van een wijziging van dit Protocol met tweederde meerderheid van stemmen besluiten, dat de wijziging van zodanige betekenis is, dat Partijen, welke hebben verklaard haar niet te aanvaarden en zulks niet alsnog binnen een periode van twaalf maanden na het in werking treden van de wijziging doen, na verloop dier periode ophouden Partij bij dit Protocol te zijn. 5. Ingeval een tweederde meerderheid der Partijen overeenkomstig het eerste lid onder b van dit artikel de Secretaris-Generaal mededeelt de aanvaarding van de wijziging zonder conferentie voor te staan, wordt deze beslissing door de Secretaris-Generaal aan alle Partijen kennis gegeven. De wijziging wordt dan na verloop van negentig dagen na de datum dier kennisgeving van kracht voor alle Partijen, behalve die, welke binnen die periode aan de Secretaris-Generaal mededelen tegen de wijziging bezwaar te hebben. 6. Voorzoveel betreft wijzigingen, welke niet onder de werking van het vierde lid van dit artikel vallen, blijven de bestaande bepalingen van kracht voor de Partijen, welke een verklaring overeenkomstig het derde lid van dit artikel hebben afgelegd of overeenkomstig het vijfde lid hun bezwaar tegen de wijziging hebben kenbaar gemaakt. 7. Partijen, welke met betrekking tot een wijziging een verklaring overeenkomstig het derde lid van dit artikel hebben afgelegd of overeenkomstig het vijfde lid van hun bezwaar hebben kennis gegeven, kunnen deze verklaring onderscheidenlijk dat bezwaar te allen tijde intrekken door een aan de Secretaris-Generaal gerichte kennisgeving. De wijziging is dan voor de betrokken Partij van kracht met ingang van het tijdstip van ontvangst der kennisgeving door de Secretaris-Generaal.

Rechtspraak bij dit artikel