Krijgsgevangenen mogen alleen worden geïnterneerd in lokaliteiten welke op de vaste wal zijn gelegen en alle waarborgen bieden voor hygiëne en gezondheid; behoudens in bijzondere gevallen waarin het belang van de krijgsgevangenen zelf zulks rechtvaardigt, mogen zij niet in strafinrichtingen worden geïnterneerd.
Krijgsgevangenen die geïnterneerd zijn in ongezonde streken of in streken waar het klimaat voor hen schadelijk is, moeten zo spoedig mogelijk worden overgebracht naar streken met een gunstiger klimaat.
De gevangenhoudende Mogendheid zal de krijgsgevangenen in de kampen of kampafdelingen indelen naar hun nationaliteit, taal en gewoonten, met dien verstande, dat zij niet worden gescheiden van de krijgsgevangenen, behorend tot de gewapende macht waarbij zij dienden op het tijdstip van hun gevangenneming, tenzij zij daarin mochten toestemmen.
TITEL III › AFDELING II › HOOFDSTUK I
Artikel 22
Artikel 22
Onderdeel van Verdrag van Genève betreffende de behandeling van krijgsgevangenen· Internationaal publiekrecht
Deze tekst geldt sinds 3 februari 1955