Boven- en onderkleding en schoeisel moeten in voldoende hoeveelheid aan krijgsgevangenen worden verstrekt door de gevangenhoudende Mogendheid, die rekening moet houden met het klimaat van de streek waar de gevangenen zich bevinden. De uniformen van de vijandelijke krijgsmacht, buitgemaakt door de gevangenhoudende Mogendheid, zullen, indien deze geschikt zijn voor het klimaat van het land, worden gebruikt voor het kleden van krijgsgevangenen.
In de vervanging en herstelling van deze goederen zal de gevangenhoudende Mogendheid geregeld voorzien. Bovendien zullen krijgsgevangenen die arbeid verrichten, overal waar de aard van de arbeid zulks vereist, daartoe geschikte kleding ontvangen.
TITEL III › AFDELING II › HOOFDSTUK II
Artikel 27
Artikel 27
Onderdeel van Verdrag van Genève betreffende de behandeling van krijgsgevangenen· Internationaal publiekrecht
Deze tekst geldt sinds 3 februari 1955