Van krijgsgevangenen die, hoewel niet aan de Geneeskundige Dienst der gewapende macht verbonden, geneesheer, tandheelkundige, verpleger of verpleegster zijn, mag door de gevangenhoudende Mogendheid worden verlangd, dat zij hun geneeskundige of verplegende functie uitoefenen in het belang van de krijgsgevangenen die tot dezelfde Mogendheid als zij zelf behoren. In dat geval blijven zij krijgsgevangenen, maar moeten zij op dezelfde wijze worden behandeld als de overeenkomstige leden van het geneeskundig personeel, die door de gevangenhoudende Mogendheid zijn aangehouden. Zij zijn dan vrijgesteld van iedere andere arbeid welke hun op grond van artikel 49 zou kunnen worden opgelegd.
TITEL III › AFDELING II › HOOFDSTUK III
Artikel 32
Artikel 32
Onderdeel van Verdrag van Genève betreffende de behandeling van krijgsgevangenen· Internationaal publiekrecht
Deze tekst geldt sinds 3 februari 1955