De krijgstuchtelijke straffen welke op krijgsgevangenen mogen worden toegepast, zijn:
een boete van ten hoogste 50 % van het voorschot op de bezoldiging en van de werkvergoeding, bedoeld in de artikelen 60 en 62, gedurende een tijdvak van niet meer dan dertig dagen;
intrekking van voorrechten welke boven de in dit Verdrag voorgeschreven behandeling zijn verleend;
corvéediensten tot ten hoogste twee uur per dag;
arrest.
De onder 3 genoemde straf mag niet op officieren worden toegepast.
In geen geval mogen krijgstuchtelijke straffen onmenselijk, ruw of gevaarlijk voor de gezondheid van de krijgsgevangenen zijn.
TITEL III › AFDELING VI › HOOFDSTUK III › Paragraaf II
Artikel 89
Artikel 89
Onderdeel van Verdrag van Genève betreffende de behandeling van krijgsgevangenen· Internationaal publiekrecht
Deze tekst geldt sinds 3 februari 1955