Onverminderd de uitzonderingen, vervat in de artikelen 6 en 7 van dit Verdrag, dienen beschermd te worden:
alle vogels ten minste gedurende hun voortplantingsperiode en buitendien de trekvogels gedurende hun terugkeer naar hun broedplaatsen, met name in de maanden Maart, April, Mei, Juni en Juli;
gedurende het gehele jaar: die soorten, welke met uitsterven worden bedreigd of van bijzonder belang zijn voor de wetenschap.
Artikel 2
Artikel 2
Onderdeel van Internationaal Verdrag tot bescherming van vogels· Onderwijsrecht
Deze tekst geldt sinds 17 januari 1963