In Nederland en in de Belgisch-Luxemburgse Economische Unie wordt de accijns op aldaar vervaardigde en op ingevoerde tot verbruik bereide tabak geheven naar de volgende bedragen en maatstaven:
a.
Sigaren met dichtgewerkte kop, wegende per 1.000 stuks 3½ kg of meer: 27 %
}
Van de kleinhandelsprijs, volgens een schaal, welke, eventueel met een minimum prijs als grondslag, door de bevoegde Ministers wordt vastgesteld.
b.
Andere sigaren: 33 %
c.
Sigaretten: 62 %
d.
Rooktabak, snuif en droge pruimtabak: 40 %
e.
Natte pruimtabak: fl. 0,08 of fr. 1,— per kilogram.
HOOFDSTUK II › Paragraaf
Artikel 15
Artikel 15
Onderdeel van Verdrag tot unificatie van accijnzen en van het waarborgrecht tussen het Koninkrijk der Nederlanden, het Koninkrijk België en het Groot-Hertogdom Luxemburg· Belastingrecht
Deze tekst geldt sinds 19 november 1951