Naar hoofdinhoud

DEEL I

Artikel 4

Algemene beginselen voor de verdeling van industriële outillage en van andere kapitaalgoederen

Onderdeel van Overeenkomst betreffende de van Duitsland te ontvangen herstelbetalingen, de instelling van een Intergeallieerde Organisatie voor Herstelbetalingen en de teruggave van monetair goud· Openbare orde en veiligheidsrecht

Deze tekst geldt sinds 24 januari 1946

A. Geen ondertekenende Regering mag toewijzing vragen, bij wijze van herstelbetaling, van industriële outillage of andere kapitaalgoederen, die uit Duitsland zijn weggevoerd, tenzij voor gebruik op eigen grondgebied of door eigen onderdanen buiten haar grondgebied. B. Bij het voorleggen van haar aanvragen aan de Intergeallieerde Organisatie voor Herstelbetalingen zullen de ondertekenende Regeringen er naar streven verzamelopgaven in te dienen, die samenhangende groepen van goederen omvatten, liever dan aanvragen te doen voor afzonderlijke goederen of voor kleine groepen goederen. Erkend wordt, dat de werkzaamheid van het secretariaat van de Organisatie doeltreffender zijn naarmate de door de bedoelde Regeringen aangeboden aanvragen meer omvattend zijn. C. Voor toewijzing van voor herstelbetaling beschikbaar verklaarde goederen, andere dan koopvaardijschepen, binnenschepen en Duitse bezittingen in landen die tijdens de oorlog tegen Duitsland neutraal zijn gebleven, zal de Intergeallieerde Organisatie voor Herstelbetalingen uitgaan van de volgende algemene beginselen: Ieder goed of iedere groep van met elkaar verband staande goederen, waarin een vragend land aanzienlijke financiële belangen heeft, daterend van vóór de oorlog, moet desverlangd aan dat land worden toegewezen. Voor het geval twee of meer vragende landen aanzienlijke belangen van dien aard hebben in een bepaald goed of een bepaalde groep van goederen, zal bij de toewijzing rekening worden gehouden met de hieronder vermelde creteria; Indien de toewijzing tussen mededingende aanvragers niet geregeld is door paragraaf I, zal, behalve aan andere ter zake dienende factoren, aandacht moeten worden geschonken aan de volgende overwegingen: De mate, waarin ieder vragend land behoefte heeft, om te beschikken over het goed of over de goederen om zijn economie te herstellen, weder op te bouwen, of weer op gang te brengen; De mate, waarin het goed of de goederen in de plaats zouden treden van goederen, welke tijdens de oorlog zijn verwoest, beschadigd of geroofd, of van goederen, die moeten worden vervangen ten gevolge van abnormale slijtage, veroorzaakt door de productie tijdens de oorlog, en welke van belang zijn voor de economie van het vragende land; De functies van het betreffende goed of de betreffende goederen in het algemene kader der voor-oorlogse economie van het vragende land en in de plannen, opgesteld met het doel zijn naoorlogse economie aan te passen en te ontwikkelen; De aanvragen van landen, wier aandeel in de herstelbetalingen klein is, maar die behoefte hebben aan zekere duidelijk omschreven goederen of groepen van goederen. Bij de toewijzigingen zal een redelijk evenwicht moeten worden bewaard tussen de verschillende rechthebbenden wat betreft het reeds voldane gedeelte van hun onderscheidene aandelen, onder voorbehoud van die tijdelijke uitzonderingen, die kunnen worden gerechtvaardigd door de overwegingen van bovenstaande paragraaf II (a).

Rechtspraak bij dit artikel