Geldige bewijzen van luchtwaardigheid en van geschiktheid, uitgereikt of geldig verklaard door een Overeenkomstsluitende Partij, worden voor wat de exploitatie van de overeengekomen diensten betreft, door de andere Overeenkomstsluitende Partij erkend. Elke Overeenkomstsluitende Partij behoudt zich echter het recht voor, voor vluchten boven haar eigen grondgebied de erkenning van bewijzen van geschiktheid, door een andere Staat uitgereikt aan zijn eigen onderdanen, te weigeren.
Artikel 4
Artikel 4
Onderdeel van Luchtvaartovereenkomst tussen het Koninkrijk der Nederlanden en Ierland· Vervoersrecht
Deze tekst geldt sinds 10 mei 1948