Bij de behandeling van vijandelijke Duitse bezittingen zullen de Partijen in de onderhavige Overeenkomst (hierna en in het daarbij behorende Aanhangsel „Partijen” te noemen) zich in hun betrekkingen tot elkaar zoveel mogelijk te laten leiden door de bepalingen, neergelegd in de onderhavige Overeenkomst en in het daarbij behorende Aanhangsel (hierna en in het daarbij behorende Aanhangsel tezamen de „Overeenkomst” te noemen) en zij zullen bij de toepassing van de Overeenkomst zo handelen als noodzakelijk en passend zal zijn.
Artikel 1
Artikel 1
Onderdeel van Overeenkomst betreffende onderling strijdige aanspraken op buiten Duitsland gelegen Duitse bezittingen· Arbitrage
Deze tekst geldt sinds 24 januari 1951