De bewijzen van luchtwaardigheid, de bewijzen van geschiktheid en de vergunningen, uitgereikt of geldig verklaard door elk van de Overeenkomstsluitende Partijen, en welke niet verlopen zijn, zullen door de andere Overeenkomstsluitende Partij als geldig worden erkend voor de exploitatie van luchtlijnen en diensten, opgesomd in de Bijlage.
Elke Overeenkomstsluitende Partij behoudt zich evenwel het recht voor, voor vluchten boven haar eigen grondgebied, de erkenning van bewijzen van geschiktheid en vergunningen, door een andere Staat aan haar eigen onderdanen toegekend, te weigeren.
Artikel 4
Artikel 4
Onderdeel van Overeenkomst tussen de Koninklijke Nederlandse Regering en de Koninklijke Griekse Regering inzake luchtvervoer tussen haar onderscheiden grondgebieden· Vervoersrecht
Deze tekst geldt sinds 22 december 1948