Elke overeenkomstsluitende partij behoudt zich het recht voor, de rechten, vermeld in de bijlage, behoorende bij deze Overeenkomst, niet te verleenen of in te trekken in elk geval, waarin niet tot haar genoegen is gebleken, dat het overwegende eigendomsrecht en de daadwerkelijke leiding van de aangewezen luchtvaartmaatschappij(en) van de andere overeenkomstsluitende partij berusten bij onderdanen van een der beide overeenkomstsluitende partijen, dan wel in geval de aangewezen luchtvaartmaatschappij(en) in gebreke blijft (blijven) de wetten en voorschriften, bedoeld in artikel 5, na te komen of anderszins de voorwaarden te vervullen, waaronder de rechten in overeenstemming met deze Overeenkomst worden verleend.
Artikel 6
Artikel 6
Onderdeel van Overeenkomst tussen de Nederlandse Regering en de Regering van het Verenigd Koninkrijk betreffende Bepaalde Luchtdiensten· Arbitrage
Deze tekst geldt sinds 13 augustus 1946