In geval één der beide partijen de toepassing van de Algemene Overeenkomst betreffende Tarieven en Handel zou staken, zullen beide Regeringen binnen zes maanden in onderhandeling treden. De in de Algemene Overeenkomst genoemde tariefsconcessies, welke te Genève tussen Tsjechoslowakije en de z.g. „Benelux”-landen (de Belgisch Luxemburgse Economische Unie en Nederland) zijn overeengekomen, zullen tussen beide partijen van kracht blijven tot de inwerkingtreding van de nieuwe overeenkomst, die zij zullen sluiten, uitgaande van de directe en indirecte concessies, die zij genieten krachtens de Algemene Overeenkomst. Niettemin kunnen de in de Algemene Overeenkomst genoemde concessies, welke te Genève tussen Tsjechoslowakije en de z.g. „Benelux”-landen zijn overeengekomen, worden ingetrokken, indien 2 maanden na het begin van de onderhandelingen deze niet tot het sluiten van een nieuwe overeenkomst hebben geleid.
Artikel II
Artikel II
Onderdeel van Aanvullende Overeenkomst op het Nederlands-Tsjechoslowaakse Handelsverdrag van 20 januari 1923· Financieel en economisch recht
Deze tekst geldt sinds 28 februari 1951