De luchtvaartautoriteiten van de beide Overeenkomstsluitende Partijen zullen elkaar op de hoogte houden van inbreuken op haar onderscheiden grondgebieden begaan door het personeel van de ondernemingen, waaraan een vergunning voor het uitoefenen van luchtvervoer is verleend. In geval een als ernstig aan te merken vergrijp wordt geconstateerd, heeft de bevoegde luchtvaartautoriteit het recht de terugroeping van de verantwoordelijke beambte te verzoeken. Indien zich een herhaling van de gemaakte feiten mocht voordoen, zal men alsdan het recht hebben de nietigverklaring te vragen van de vergunning, welke ten gunste van de betreffende luchtvaartonderneming is verleend.
Artikel VIII
Artikel VIII
Onderdeel van Overeenkomst tussen het Koninkrijk der Nederlanden en Spanje regelende de burgerlijke luchtlijnen· Vervoersrecht
Deze tekst geldt sinds 20 juni 1950