Elke Overeenkomstsluitende Partij behoudt zich het recht voor aan een door de andere Overeenkomstsluitende Partij aangewezen onderneming de uitoefening van de rechten, die voortspruiten uit de bepalingen, vervat in de Bijlage bij deze Overeenkomst, te weigeren of een zodanige uitoefening te herroepen, wanneer deze laatste niet in staat is op verzoek het bewijs te leveren, dat een overwegend deel van de eigendom en het daadwerkelijk toezicht op de onderneming berusten bij onderdanen of bij lichamen van de andere Overeenkomstsluitende Partij.
Iedere Overeenkomstsluitende Partij kan bovendien de vergunning intrekken, wanneer de hierboven genoemde onderneming of de Regering, die haar heeft aangewezen, de wetten en bepalingen, bedoeld in Artikel 6 van deze Overeenkomst, niet naleven, ofwel de daaruit voortvloeiende verplichtingen niet vervullen, ofwel ophouden te voldoen aan de voorwaarden, waarop de rechten volgens de bepalingen van deze Overeenkomst en haar Bijlage zijn verleend.
Artikel 7
Artikel 7
Onderdeel van Overeenkomst tot het tot stand brengen en exploiteren van geregeld vervoer door de lucht tussen Nederland en Italië· Vervoersrecht