**1.** De Unie heeft een met de lidstaten gedeelde bevoegdheid in de gevallen waarin haar in de Grondwet een bevoegdheid wordt toegedeeld die buiten de in de artikelen I-13 en I-17 bedoelde gebieden valt.
**2.** De gedeelde bevoegdheden van de Unie en de lidstaten betreffen in het bijzonder de volgende gebieden:
interne markt;
sociaal beleid, voor de in deel III genoemde aspecten;
economische, sociale en territoriale samenhang;
landbouw en visserij, met uitsluiting van de instandhouding van de biologische rijkdommen van de zee;
milieu;
consumentenbescherming;
vervoer;
trans-Europese netwerken;
energie;
de ruimte van vrijheid, veiligheid en recht;
gemeenschappelijke veiligheidsvraagstukken op het gebied van volksgezondheid, voor de in deel III genoemde aspecten.
**3.** Op het gebied van onderzoek, technologische ontwikkeling en de ruimte is de Unie bevoegd op te treden, en met name programma's vast te stellen en uit te voeren; de uitoefening van die bevoegdheid belet de lidstaten niet hun eigen bevoegdheid uit te oefenen.
**4.** Op het gebied van ontwikkelingssamenwerking en humanitaire hulp is de Unie bevoegd op te treden en een gemeenschappelijk beleid te voeren; de uitoefening van die bevoegdheid belet de lidstaten niet hun eigen bevoegdheid uit te oefenen.
DEEL I › TITEL III
Artikel I-14
De gebieden van gedeelde bevoegdheid
Onderdeel van Verdrag tot vaststelling van een Grondwet voor Europa· Financieel en economisch recht