De Raad stelt op voorstel van de Commissie Europese verordeningen vast voor de toepassing van de in de artikelen III-161 en III-162 neergelegde beginselen. De Raad besluit na raadpleging van het Europees Parlement. Die Europese verordeningen hebben met name ten doel:
de nakoming van de in artikel III-161, lid 1, en in artikel III-162 bedoelde verbodsbepalingen te bewerkstelligen door de instelling van geldboeten en dwangsommen;
de regels voor de toepassing van artikel III-161, lid 3, vast te stellen met inachtneming van de noodzaak, enerzijds een doeltreffend toezicht te verzekeren en anderzijds de administratieve controle zoveel mogelijk te vereenvoudigen;
in voorkomende gevallen de werkingssfeer van de artikelen III-161 en III-162 voor de verschillende bedrijfstakken nader vast te stellen;
de taak van de Commissie, respectievelijk van het Hof van Justitie van de Europese Unie bij de toepassing van de in deze alinea bedoelde bepalingen vast te stellen;
de verhouding vast te stellen tussen de wetgevingen van de lidstaten enerzijds en deze onderafdeling en de ter uitvoering van dit artikel vastgestelde Europese verordeningen, anderzijds.
DEEL III › TITEL III › HOOFDSTUK I › AFDELING 5 › Onderafdeling 1
Artikel III-163
Artikel III-163
Onderdeel van Verdrag tot vaststelling van een Grondwet voor Europa· Financieel en economisch recht