**1.** De partijen passen hun respectieve mededingingsbeleid en -wetgeving toe in het besef dat vrije mededinging belangrijk is en dat met de mededinging strijdige praktijken in potentie een goede marktwerking kunnen verstoren, de economische en sociale ontwikkeling, economische efficiëntie en het welzijn van de consument nadelig kunnen beïnvloeden, en de voordelen die voortvloeien uit de tenuitvoerlegging van deze overeenkomst kunnen ondermijnen.
**2.** De partijen zijn het erover eens dat de volgende praktijken niet in overeenstemming met deze overeenkomst zijn, voor zover deze de handel en investeringen tussen de partijen kunnen beïnvloeden:
overeenkomsten, besluiten, aanbevelingen of onderling afgestemde feitelijke gedragingen die overeenkomstig hun respectieve mededingingswetgeving als doel of gevolg hebben de mededinging te belemmeren, te beperken of te verstoren;
misbruik van een machtspositie overeenkomstig hun respectieve mededingingswetgeving;
concentraties tussen ondernemingen die aanzienlijke hinder veroorzaken voor een doeltreffende mededinging, in het bijzonder als gevolg van de totstandbrenging of versterking van een machtspositie overeenkomstig hun respectieve mededingingswetgeving.
**3.** De partijen erkennen het belang van samenwerking en coördinatie tussen hun respectieve mededingingsautoriteiten, teneinde een doeltreffend mededingingsbeleid en een efficiënte rechtshandhaving te bevorderen; daartoe behoren ook kennisgevingen op grond van artikel 262, overleg, uitwisseling van informatie, technische bijstand en bevordering van mededinging.
**4.** De partijen ondersteunen en bevorderen maatregelen om de mededinging in hun respectieve jurisdicties overeenkomstig de doelstellingen van deze overeenkomst te versterken.
TITEL VIII
Artikel 259
Doelstellingen en beginselen
Onderdeel van Handelsovereenkomst tussen de Europese Unie en haar lidstaten, enerzijds, en Colombia en Peru, anderzijds· Financieel en economisch recht
Deze tekst geldt sinds 1 november 2024