Naar hoofdinhoud

TITEL III › HOOFDSTUK 4

Artikel 81

Merktekens en etikettering

Onderdeel van Handelsovereenkomst tussen de Europese Unie en haar lidstaten, enerzijds, en Colombia en Peru, anderzijds· Financieel en economisch recht

Deze tekst geldt sinds 1 november 2024

1. Wanneer een partij voorschrijft dat producten van een merkteken of etiket moeten worden voorzien, geldt het volgende: het plaatsen van een permanent merkteken of etiket kan alleen worden voorgeschreven als de informatie van belang is voor consumenten of gebruikers, dan wel om aan te geven dat het product voldoet aan de bindende technische voorschriften; het plaatsen van aanvullende informatie op de verpakking van een product middels niet-permanente etiketten kan alleen worden voorgeschreven als dit voor het markttoezicht door de bevoegde instanties noodzakelijk is; met betrekking tot de onder b) bedoelde informatie onderzoekt de partij bij de herziening van de toepasselijke voorschriften of die informatie ook op andere wijze kan worden verstrekt; tenzij dit met het oog op het risico voor het leven of de gezondheid van mensen, dieren of planten, het milieu of de nationale veiligheid noodzakelijk is, stelt de partij de verkoop van producten op haar markten niet afhankelijk van voorafgaande goedkeuring, registratie of certificering van etiketten of merktekens. Het bepaalde onder dit punt laat de door een partij krachtens haar interne regelgeving vastgestelde maatregelen om te controleren of etiketten aan de bindende voorschriften voldoen of om misleiding van consumenten tegen te gaan, onverlet; wanneer een partij het gebruik van een identificatienummer door marktdeelnemers voorschrijft, wordt dit nummer onverwijld verstrekt; tenzij dit misleidend, tegenstrijdig of verwarrend is ten opzichte van de informatie die in het land van bestemming moet worden verstrekt, staat een partij toe: dat informatie in meer talen dan alleen de taal die in het land van bestemming is voorgeschreven, wordt verstrekt; dat internationale nomenclaturen, pictogrammen, symbolen of grafieken worden gebruikt; dat meer informatie dan die welke in het land van bestemming is voorgeschreven, wordt verstrekt; tenzij de in de TBT-overeenkomst neergelegde legitieme doelen daardoor in het gedrang komen, aanvaardt de partij dat niet-permanente of verwijderbare etiketten worden gebruikt of dat de informatie in de handleiding bij het product of op de verpakking wordt vermeld in plaats van dat zij op het product wordt gedrukt of eraan wordt bevestigd. 2. Wanneer een partij voorschrijft dat textielproducten, kleding of schoeisel van een merkteken of etiket moeten worden voorzien: mag zij alleen voor de volgende informatie voorschrijven dat deze middels een permanent merkteken of etiket moet worden vermeld: in het geval van textielproducten en kleding: vezelgehalte, land van oorsprong, veiligheidsinstructies voor specifiek gebruik en wasvoorschriften; in het geval van schoeisel: de belangrijkste grondstoffen van de hoofdonderdelen, veiligheidsinstructies voor specifiek gebruik en land van oorsprong; stelt zij: geen eisen ten aanzien van de fysieke kenmerken of het ontwerp van een etiket, onverminderd maatregelen ter bescherming van consumenten tegen misleidende reclame; het niet verplicht om kledingstukken van een permanent etiket te voorzien wanneer dit door de grootte van de kledingstukken moeilijk is of de waarde ervan vermindert; het voor producten die als paar worden verkocht niet verplicht om beide delen van een etiket te voorzien wanneer deze qua materiaal en ontwerp gelijk zijn. 3. Partijen passen dit artikel uiterlijk één jaar na de inwerkingtreding van deze overeenkomst toe.

Rechtspraak bij dit artikel